Werk

Er is aan het begin van de eenentwintigste eeuw nauwelijks een roeriger natie dan Congo, het reusachtige land in het hart van Afrika, dat barst van de grondstoffen die onontbeerlijk zijn in onze moderne tijd, én van gruwelijke conflicten. Hoe kon de vroegere, relatief rustige kolonie van België, sinds 1960 onafhankelijk, zo veranderen?

"Als de EU geen politieke grondwet krijgt, geef haar dan ten minste een poëtische." De Europese Grondwet in Verzen: een lang gedicht waarin Europees enthousiasme wordt genuanceerd door kritische zin, het grote gebaar aanschurkt tegen poëtische intimiteit en de nodige sérieux zich laat rijmen met satire. Het Brussels Dichterscollectief beet de spits af.

Een oude, maar nog steeds vitale missionaris in Oost-Congo blikt terug op zijn leven. En dat doet hij met verbazing, veerkracht en verdriet. In een verbrokkelde monoloog denkt hij na over keuzes, engagement en bovenal vertrouwen. Een theatertekst gebaseerd op interviews met missionarissen in Congo vandaag. De missionaris geherwaardeerd als tragische mens -- en dit zonder ironie.

Haar standbeeld staat in hartje Brussel. Ze heette Gabrielle Petit, de drieëntwintigjarige vrouw die in 1916 werd gefusilleerd door de Duitsers omdat ze spioneerde. Maar wie was de vrouw die zeven jaar later model stond voor dat standbeeld? Slagschaduw is een zoektocht naar een naamloze vrouw. Een tocht langs archieven en bibliotheken. Maar ook in de straten van Brussel.

Raymond Borremans trok na WOI op zijn eentje naar Ivoorkust, waar hij als een eenmansorkest optrad. Jarenlang reed hij alleen in zijn vrachtwagen door West-Afrika en projecteerde er films voor de lokale bevolking. Alles wat hij te weten kwam, schreef hij neer op steekkaarten, die uiteindelijk zouden leiden tot zijn levenswerk: de Encyclopédie Borremans.

Een muziektheaterproductie over termieten en over een man die hun leven bestudeert. Een verhaal over de orde der insecten, over de chaos en de passies van de menselijke ziel. Over een professor die terugblikt op zijn leven en vertelt over zijn falen in liefde en wetenschap en over een verleden tijd die ongewild zijn toekomst is geworden.

Tijdens het speurwerk voor zijn proefschrift in de prehistorische archeologie aan de Universiteit Leiden komt David Van Reybrouck op een merkwaardig zijspoor terecht. De grote Belgische literator en Nobelprijswinnaar Maurice Maeterlinck zou in zijn La vie des termites uit 1926 de Zuid-Afrikaanse schrijver Eugène Marais hebben geplagieerd.

Het stille knagen van schrijvers, termieten en Zuid-Afrika 

Het begon met een klein beetje onrecht, driekwart eeuw geleden: Belgiës enige Nobelprijswinnaar voor literatuur, Maurice Maeterlinck, zou zich hebben schuldig gemaakt aan plagiaat van de Zuid-Afrikaanse schrijver Eugene Marais, dichter, morfineverslaafde en termietenkenner.

t

Negen jaar na hun internationaal bejubelde theaterhit Missie gaan auteur David Van Reybrouck, acteur en theatermaker Bruno Vanden Broecke en regisseur Raven Ruëll opnieuw samen aan de slag voor de nieuwe KVS-productie Par

Onze representatieve democratie raakt steeds meer in het slop. De legitimiteit ervan wordt aangetast: steeds minder mensen gaan stemmen, kiezers worden grilliger in hun keuze, het ledenaantal van politieke partijen loopt dramatisch terug.

 De zesde cultuurprijs van de provincie West-Vlaanderen (2016) gaat naar David Van Reybrouck. Hij is een van de meest toonaangevende en veelzijdige auteurs van zijn generatie: hij schrijft zowel essays als proza, poëzie en theater. Met grote regelmaat mengt hij zich bovendien in het maatschappelijke en politieke debat.

De Franse vertaling van Congo. Een geschiedenis heeft zopas de Prix Mahogany in de wacht gesleept, een belangrijke prijs voor Afrikaanse literatuur. Normaalgezien is die prijs voorbehouden aan auteurs die uit Afrika afkomstig zijn, maar de jury maakt dit jaar een uitzondering pour "ce grand livre".

Sinds 2011 is David Van Reybrouck voorzitter van PEN VLaanderen, de Vlaamse afdeling van International PEN. Deze wereldwijde auteursvereniging ijvert voor vrede en internationale verstandhouding. Ze komt op voor vrije meningsuiting en verzet zich tegen elke vorm van censuur.

"En wij die dachten dat over seks wel alles was gezegd en getoond."

Catalogustekst bij de tentoonstelling S van kunstenaar en fotograaf Gert Jochems in het FotoMuseum Antwerpen, 2012.

 

 "De vraag is niet langer of Nederland voorloopt op Vlaanderen, zoals in de jaren zeventig en tachtig werd gedacht, of Vlaanderen op Nederland, zoals men in de jaren negentig meende, maar of we überhaupt nog wel vooroplopen?"

 

“Scherp zijn en toch mild blijven. Snijden zonder te scheuren. Openleggen om te laten helen. Huyse analyseert niet met de kettingzaag, maar met het scalpel. Hij snijdt met obsidiaan: het zuiverste glas, het scherpste mes, het donkerste gesteente dat enkel in de natuur voorkomt en waarmee men nog steeds de fijnste oogoperaties verricht.

“Ik word zo moe van die hysterie, die cultuur van choquerende schandalen en aangeboden excuses. Al die aandacht voor stormen in glaasjes water. Holheid regeert en het is nergens voor nodig. Die mode behoort niet tot de onvermijdelijke loop der geschiedenis, ze is de bewuste keuze van de machtigen in de coulissen.”

 

Verschenen in De Morgen, 19 februari 2009.

"We arresteren 'terroristen' nog voordat ze plannen hebben, we stigmatiseren 'sekten' nog voordat we ze begrepen hebben en we genezen kinderen nog voordat ze ziek zijn."

 

Verschenen in De Morgen, 13 juni 2008.

 

"Ik wil dat poëzie weer vlees wordt. En verf. En messen. Ik wil dat ze etst en kermt, dat ze krast en likt, dat ze eelt heeft en soms, heel soms, streelt."

Verschenen in De Groene Amsterdammer, 18 april 2008.

"Jij was de eerste burgerdode in dienst van de Monuc, de VN-vredesmacht in Congo. Je intelligentie en integriteit als redactiesecretaris van Radio Okapi in Bukavu werden alom geprezen, men noemde je de hoop van de Congolese journalistiek. Je was pas 31."

 

Verschenen in De Morgen, 2 januari 2008.

 

"Ik geloof dat elk mens een dorp is, met veel vetes en soms een feest."

Verschenen in De verstervingen van David Van Reybrouck: 58ste Arkprijs van het Vrije Woord, De Vrienden van de Zwarte Panter, Antwerpen, 23-28.

 

"Twee van de allermooiste teksten die ik ken zijn novelles: Het leven en de dood in den ast van Stijn Streuvels en Het Dwaallicht van Willem Elsschot. Twee teksten, een uit 1926, een uit 1947, die ik graag en traag herlees."

 

Heeft België nog een toekomst? De afgelopen jaren woedde er over die vraag een heftig debat. In Waar België voor staat krijgt reflectie de voorrang op geharnaste meningen en strategische manoeuvres. Waar België voor staat toont hoe breed het debat moet gaan om een zinvolle toekomstvisie mogelijk te maken.

"De openbare ruimte is hier een niche-product geworden, leuk voor die enkelingen die er zich mee willen vermaken, maar verder zonder impact in Den Haag."

Verschenen in De Volkskrant, 23 december 2006.

 

"Met de Senseo en de thuistap hebben we het café binnenskamers gehaald. Met de homecinema de bioscoop. Steeds meer functies uit het openbare leven trekken we naar binnen: daar is het knus en veilig. Maar wat blijft er over van de publieke ruimte als we ons eenmaal verschanst hebben? Een dreigende kale vlakte, bij voorkeur te doorkruisen per terreinwagen met gps."

"wij verstaan dit niet windstil is de zomer
 en slapeloos het gloren
 was de winter dan een ander gewas?"

 

Verschenen in DWB, december 2005, 5-6, 791-7

 

"Ze zijn er nog niet, dacht Suzanne toen ze het kerkhof binnenstapte, gelukkig. De ouders van Geert stonden niet bij het groepje. Wel enkele van zijn ooms en tantes uit Oedelem en Beernem en Knesselare of hoe die dorpen ook allemaal weer heetten. En de buren van toen, vriendelijke mensen waarvan ze elk jaar opnieuw de namen vergat.

"I don't even need to look at the photo any more - gentle hills and the small lake on the left (Ireland, you think, clouds and all); two fifths of the picture generously endowed with peace; on the right a pick-up truck. There are neither wheels nor cab, but you know they are sitting in a truck - the wooden sides, the hinge, the tarpaulin. Peace shattered now.

"Ik hoef de foto niet eens meer te bekijken. Links de heuveltjes en het meertje. (Ierland, denk je, wolken incluis.) Twee vijfde van het beeld: royaal voorzien van vrede. Rechts de laadbak. Wielen noch cabine, maar je weet: ze zitten in een laadbak. Het houten schot, het scharnier, het zeildoek. Weg vrede. Drie vrouwen. Een cascade aan wol en vilt en fluweel. Drie vrouwen, één paar ogen."

“Ergens in uitblinken, stoppen en dan met hernieuwde moed elders beginnen, het lijkt een constante in Tinels bewogen leven. Waarom het makkelijk maken als moeilijk ook gaat? Zelden content, vaker op zoek, en hoe langer hoe gelukkiger.”

 

 "Als er in Zuid-Afrika één domein is waar een strikte rassenscheiding jaren na de afschaffing van de apartheid nog standhoudt, dan is het ongetwijfeld het kappersbedrijf."

  • Verschenen in European First Novel Festival, 2003, 88-93.